Vrijdag 1 mei: Kato Gatzea (GR)
Het malse buitje blijkt een kou- en regenfront te zijn dat veel regen brengt en zorgt voor extreem lage temperaturen en sneeuwval boven de 1000 meter. Het Griekse nieuws waarschuwt voor de weersomstandigheden. Logisch, want de 1e mei blijkt de koudste in 70 jaar te worden.

Dat wordt een lamlendig dagje binnen rondhangen, boekje lezen en puzzeltjes maken. En de helft van ons kan daar maar slecht tegen. Zij hangt na een paar uurtjes bij wijze van spreken al gillend van ellende aan de schuifdeur. Gelukkig vinden we asiel in de prachtige, ruime camper van onze Reisgenoten. Bij de koffie en een snorrend kacheltje. Heerlijk!

Af en toe is het heel eventjes droog. Maar het grootse gedeelte van de dag is het regen, wind en kou. Geen families uit het dorp die in de taverna de eerste mei komen vieren, geen reuring op het strand… iedereen blijft binnen.
Tegen de avond wordt het iets droger. Dat vieren we met elkaar met een heerlijk maaltje in het restaurant van camping Sikia. Morgen gaat het Reisgezelschap zoals gepland uiteen. Equipe Emmeloord vertrekt naar Delphi, wij gaan weer eens een kijkje nemen op camping Venezuela. Het waren 8 gezellige dagen. Wij zeggen: 5 sterren ⭐️!

Zaterdag 2 mei: Kato Gatzea (GR) – Agios Serafeim (GR)
Team Emmeloord is het snelst bij de pinken en klaar voor vertrek terwijl wij na een slechte nacht nog enigszins lamlendig onder de luifel hangen. De helft van ons, die halsstarrig weigert haar teenslippers te verruilen voor iets warmers, jammert dat ze haar eigen voeten nauwelijks nog voelt in deze kou. Maar dat is natuurlijk eigen schuld, dikke bult. We wuiven uit, nemen afscheid en betalen en dan gaat het eerst maar eens richting de Lidl in Agria want dat is altijd een leuk pretje. En warempel: blauwe lucht!

Weer helemaal bepakt zetten we vol goede moed koers naar Venezuela. Het is al weer heel wat jaren geleden dat we daar waren en toen ademde de camping vooral verval. Maar de recente reviews zijn juichend, dus waarom niet? En die dikke 170 kilometer zijn snel gepiept als je – toch maar wéér dan – over de dure Griekse tolwegen naar je bestemming zoeft. Het weer houdt nog steeds niet over…

De ontvangst op Venezuela is hartelijk. In de receptie snort het elektrische kacheltje en we worden geholpen door een vriendelijke mevrouw in een dikke winterjas. We hebben het wel te doen met de Grieken. Als wij het als redelijk afgeharde Nederlanders al koud vinden, moet dit weer voor hen helemaal niet te doen zijn.
Druk is het niet op het terrein en we vinden gemakkelijk een plekje. Vlakbij staat een Grieks stel in een koepeltentje dat het zekere voor het onzekere heeft genomen.

Ondertussen zien we steeds vaker blauwe lucht en al blijft de wind uitgesproken kil, dát is mooi meegenomen.
En toch… het is niet onze plek, camping Venezuela. En dat ligt niet aan het personeel. Iedereen is vriendelijk en behulpzaam. Alles is brandschoon en keurig netjes. Het is gewoon de plék: tussen de heggetjes op het groene gras lijkt het net of je in Ommen bent, het strand aan de ondiepe Golf van Malia ademt depressie en het eten in het restaurant is – met onder andere prefab saganaki – ronduit teleurstellend.


Eén nachtje is voor ons genoeg. Morgen mooi weer verder.
Zondag 3 mei: Agios Serafeim (GR) – Glyfa (GR)
Lang hoeven we niet na te denken over onze volgende bestemming. De voorspellingen zijn goed en zat als we zijn van de kou en het ‘afzien’ trakteren we ons de komende dagen maar weer eens lekker op de luxe van Ionion Beach. Dat wordt nog een flinke rit dus zijn we al weer vroeg op pad.
Op naar Lamia gaat het en dan de bergen in richting Itea. Als de zon schijnt, is het een prachtige route. Maar ook nu, onder donkere wolken, zijn de uitzichten ronduit spectaculair.


Als we afdalen richting Amfissa breekt steeds vaker het blauw door het grauw.

Het tol-feest begint weer bij de brug naar Patra.

De ferry is ons veel te koud bij harde wind en regen dus tikken we €24,70 af. Maar ze hebben het afgelopen jaar niet stilgezeten, de Grieken. De Olympia Odos, de gloednieuwe tolweg, ligt er al bijna tot Pyrgos in. Wij nemen de afslag Kyllini.
Op Ionion Beach is nog plek zat. Bij zee staat het vol, maar niet getreurd… de zon straalt. En het maantje ‘s nachts ook.

Maandag 4 mei t/m donderdag 7 mei: Glyfa (GR)
Het zijn 4 heerlijke, lome, luie dagen op camping Ionion Beach. Niksen in optima forma en dat houden we prima een paar dagen uit. We scharrelen tussen de beachbar en het restaurant, doen wat handwasjes, een paar rondjes door de prima uitgeruste campingwinkel en poken zelfs ook nog eens het vuur onder onze eigen pannen op.

Op donderdag komt team Emmeloord – die een stukje zuidelijker op camping Kourouta staan – op de fiets langs. We drinken koffie en lunchen samen. Gezellig!

Aan het eind van de middag betrekt het en wordt het frisser. We steken nog een laatste keer aan in het restaurant. Morgen verkassen we weer. In de nacht beuken de golven steeds luider op het strand. De windvoorspelling komt in ieder geval uit. Benieuwd of de weergoden ook de regenvoorspelling bij het juiste eind hebben…
Vrijdag 8 mei: Glyfa (GR) – Gialova (GR)
De zee is woest en donkere wolken pakken zich samen.

Toch krijgen we de boel net nog droog binnen. George, de eigenaar, klaagt bij het afrekenen over het weer. Sinds oktober is het blijkbaar al slecht, met af en toe een paar mooie dagen. Hij wacht met smart op een bestendige zomer. Wie weet wat de weergoden nog in petto hebben. Zakelijk gaat het hem in ieder geval voor de wind, want tegenover de sani-plaats heeft hij een nieuw, groot terrein in ontwikkeling. Benieuwd wat daar zal verrijzen. Wie weet zien we dat volgend jaar.
We beginnen de rit met een omweg, want na het lozen en innemen komt de chauffeur er na een kilometer of 4 achter dat hij de dop van de watertank vergeten is. Die had hij op het wiel gelegd. Dat de dop dáár inmiddels niet meer op ligt is 100% zeker, maar we rijden toch maar even terug. En ja hoor, we vinden ‘m weer. Enigszins gehavend, dat wel. Maar hij kan nog prima dienst doen. Ach, we zullen wel niet de eerste en de laatste zijn die dit overkomt…
Eerst naar de Lidl in Amaliada en een rondje door de ‘Chinees’, een soort Temu-Action volgestouwd met goedkope kleding en andere meuk waar je stiekem toch een beetje hebberig van wordt. Maar we houden ons in. Met wat batterijtjes, een knoflookpers, drie theelepeltjes en een plastic schaaltje verlaten we het pand.

Echt een mooie rit is het niet naar Gialova. onderweg zien we veel leegstand, rommelige dorpen en nauwelijks nog onderhouden tuinbouwbedrijfjes.
Maar camping Erodios heeft nog plek. Vanwege de harde wind kiezen we voor een plaats iets verder van zee.

Het terrein stroomt aan het eind van de middag voller en voller en als er een busje pal naast ons komt staan doen we onze sunscreen er toch maar even voor om nog een beetje privacy te hebben. Vorig jaar stonden we hier fijn. Nu wil de helft van ons eigenlijk het liefst zo snel mogelijk weer weg.

Zaterdag 9 mei: Gialova (GR)
We dachten dat je – net als bij camping Navarino Beach dat dichterbij Pylos ligt – via het strand naar het dorp kon lopen. Maar vanaf deze kant scheidt de uitloop van de Giannouzagas rivier ons van het dorp. We besluiten de wandeling er niet aan te wagen. Zo spectaculair is het dorp nou ook weer niet. Met een korte boulevard met wat restaurantjes, een klein haventje en wat obligate toeristenwinkeltjes heb je het wel gehad, weten we nog. Dus vlijen we ons neer en maakt de helft van ons nog een ommetje richting Divari Beach terwijl de rest haarzelf overgeeft aan de siësta.
‘s Avonds gaan de souvlaki’s op de grill en valt de avond mooi over de rustige baai van Navarino.

Ach ja…soms weet je waar je heen wilt, soms weet je waar je niet weer naar terug hoeft.
Zondag 10 mei: Gialova (GR) – Stoupa (GR)
Toen we vorig jaar ook in deze contreien waren sloegen we, vanwege het slechte weer, de Mani over. Maar nu de weergoden ons gunstiger gezind lijken te zijn wordt het de hoogste tijd om dit prachtige stukje Peloponnesos weer eens nader te verkennen. Richting Pylos gaat het dus. Een prachtig stadje aan de baai van Navarino met een rijke (antieke) geschiedenis. Niet ver hier vandaan ligt de vindplaats van het Paleis van Nestor die koning van Pylos was, bekend stond om zijn wijze raadgevingen en op hoge leeftijd mee uitvoer naar Troje. Zijn naam leeft in onze taal nog steeds voort als in: ‘Hij is de nestor van het gezelschap.’
Tegelijkertijd worden we altijd ook een beetje verdrietig van Pylos. Het wordt steeds meer een plek voor de happy few. De heuvels rond de stad worden volgebouwd met vastgoedprojecten, cruiseschepen liggen voor de kust, dure jachten in de haven en er is zelfs een sjieke heliport.

Het kleine binnenhaventje is gelukkig nog redelijk authentiek.

Richting Kalamata gaat het, maar die weg ligt eruit. Zouden ze van plan zijn op termijn de tolweg van Pyrgos helemaal naar Kalamata door te trekken?
Hoe dan ook, Annie raakt als vanouds compleet van de mik en we zijn blij toe want ze stuurt ons door onbekende binnenpaden die natuurlijk veel mooier zijn dan de doorgaande weg.
Het weer is wat betrokken maar in de verte zien we de contouren van de Mani al liggen.



Ook in Kalamata zijn er veel wegwerkzaamheden. Maar toch ronden we de stad vlot.

En dan rijden we de Buiten-Mani op. Het landschap is bergachtig en weelderig groen met prachtige uitzichten over de golf van Messini.

Camping Kalogria heeft nog plek zat. Het is er wat rommelig, het sanitair basic en verouderd maar de sfeer is heerlijk relaxed. We komen er altijd graag.

De Snakbar (50 meter lopen vanaf de camping) heeft zo vroeg in het seizoen nog geen gyros draaiende maar de chauffeur komt terug met souvlaki en brood en dat valt er net zo lekker in.
‘s Avonds lopen we langs de beroemde muurschildering van de schrijver Kazantakis en Giorgos Zorbas – die onsterfelijk zou worden als Zorba de Griek – naar beneden naar taverna Almyriki, het beste restaurant op dit kleine maar fijne strandje. We eten er heerlijk.

Lang – rijk – verhaal kort: Kazantakis en Zorbas ontmoetten elkaar op de berg Athos en werden vrienden voor het leven. Samen verbleven ze hier in Stoupa naar verluid enige tijd in het kleine huisje aan de noordkant van het strand.

Toen Kazantakis in 1941 hoorde dat Zorbas was overleden schreef hij de onvergetelijke roman Zorba de Griek die meermaals werd verfilmd. Mét de beroemde Sirtaki.

Maandag 11 mei: Stoupa (GR)
We doen het kalmpjes aan vandaag. Lekker rustig ontbijten & koffie drinken. Het weer is wat betrokken. Er staat vandaag alleen een tippeltje naar het dorp op het programma en dat kan best wachten tot in de middag.
Ting, zegt Whatsapp:

Toeval bestaat niet. Koud bier & wijn op tafel en gezellig bijkletsen. Gelukkig blijken de camperperikelen alles mee te vallen en kunnen de zorgen opzijgezet!
Laat in de middag kuieren we naar het dorp. Het gaat bergaf, dus je bent zo aan het charmante boulevardje met restaurants en allerlei winkeltjes.

De helft van ons scoort een paar nieuwe teenslippers. Hemelsblauwe Havaianas, maar voor maar €5,90 zijn het natuurlijk neppers.
Stoupa is erg in trek bij de Engelsen. Je pikt ze er zó uit op het terras: vrouwen zwaar in de make-up, gekleed in bikini of obligate Griekse toeristenprints en de mannen met ontbloot bovenlijf. Vorig jaar in Syvota zagen we het ook. We blijven ons er over verbazen.
Het is nog een hele klim weer naar boven.
‘s Avonds gaan de eigen pannen op het vuur. Na het eten is het allemaal reuring. Er loopt een wilde kater over het terrein en met man en macht wordt geprobeerd het beestje te vangen. Maar hij vecht voor z’n leven en ontsnapt. Om de Griekse ‘kattenplaag’ te bedwingen worden katers steeds vaker ‘geholpen’. Ze krijgen dan meteen een knipje in het oor zodat ze als gecastreerd te herkennen zijn.
We duiken eens in de reviews van de camping en dat is zeer vermakelijk. Smaken verschillen immers, nietwaar? Komisch hoogtepunt is een gast die klaagde over de haan die bij het huis naast de camping hoort. Die zou teveel kraaien. Het beest kan er inderdaad wat van. Maar z’n vasthoudende, beroepsmatige inspanningen moeten worden geprezen vinden wij. Dus 5 ⭐️ voor die kanjer!
De eigenaar, die in de reviews soms beschreven wordt als stug en arrogant maar volgens ons juist heel vriendelijk en behulpzaam is, neemt in z’n antwoorden geen blad voor de mond. Een gast klaagde over het gras dat te hoog zou staan. ‘Als je niet tegen wat grassprieten aan je voeten kunt, moet je misschien een ander soort vakantie overwegen.’ Raak!
Dinsdag 12 mei: Stoupa (GR) – Gythio (GR)
Vandaag staat een mooie rit op het programma maar eerst drinken we gezellig nog even koffie bij Jos en Wilma, onze reisgenoten. Of we elkaar de komende weken nog zullen treffen? Wie weet. Maar dat er, terug in Nederland, een afterparty gaat komen is 100% zeker.
Bij het afrekenen wil de eigenaar ons graag nog even foto’s van z’n culinaire kunsten tijdens het Paasfeest laten zien op z’n telefoon: lam aan het spit en lam uit de oven. ‘Next year you come for the Big Week. Big party!’ Handenschuddend nemen we afscheid.
Van Stoupa naar Gythio is binnendoor zo’n 50 kilometer. Wij kiezen voor de route langs de zuidpunt van de Binnen-Mani. We reden ‘m al een paar keer eerder en komen er graag weer terug. Want dit stukje Griekenland is van ongekende schoonheid: woest en desolaat, met authentieke dorpen met woontorens die volledig opgaan in het landschap, hoge kliffen, smaragdgroene baaien en door de ligging een van oudsher bijzondere, besloten cultuur.
Achter Agio Nikon is de eerste stop de bakkerij rechts langs de kant van de weg.


Als we op het terras achter onze frappé zitten, vraagt de chauffeur op een gegeven moment: ‘Wat doet die vrouw daar toch achter die auto? Ze staat er al een hele poos!’ En inderdaad, er piept een kuifje haar achter de auto omhoog. Het nieuwsgierigste Aagje onder ons komt meteen in de benen om polshoogte te nemen. En het is niet wat het leek.

Met een grote camper is dit zuidelijkste stukje Griekenland achter Areopoli lastig te verkennen. Zelfs met ons busje rijden we ons een aantal keren klem als we door de nauwe dorpsstraatjes een tegenligger tegemoet rijden. Maar met hier en daar een hartverzakking, wat passen en meten, wederzijds geduld en vriendelijk handen&voeten-werk is het uiteindelijk toch prima te doen.


Vathia is de must-see van dit gebied. Je kunt heerlijk dwalen door de smalle steegjes tussen de deels verlaten woontorens. Op het terras van restaurant Aspálathos genieten we – bij een late, heerlijke lunch – van het prachtige uitzicht op dit iconische dorp.



En warempel: een kudde geiten!

Aan het eind van de middag komen we aan op camping Gythion Bay. Altijd een vertrouwd adres. Er is nog een mooie, ruime plek vrij. Moe maar voldaan geven we ons neer.
Tot een uur of twee in de nacht klinkt er vanaf het strand luide, Griekse muziek. Zou Takis een feestje hebben?
Woensdag 13 en donderdag 14 mei: Gythio (GR)
Binnenlandse zaken heeft het op haar heupen: de wasmachine wordt tot de nok toe volgestouwd, het busje moet schoon en de voorraden gecheckt. Maar alles op z’n elfendertigst want ‘we hebben vakantie hoor!’ Aan het eind van de middag is alles weer fris, schoon en droog en dat vieren we met een paar ouzo’tjes.
In de avond kuieren we langs het strand naar Takis. Daar zit het stampvol, behalve aan de tafeltjes dichterbij het strand want er is een fikse wind opgestoken. En ja… het was een good party yesterday. We eten als vanouds heerlijk en zijn stiekem verheugd als een ober met het bericht komt dat de musicbox is dead. Nachtrust verzekerd.

Achter ons staat een camper met een hoogbejaard Nederlands echtpaar en hun hondje. Om te voorkomen dat het beestje ontsnapt, is hun plek helemaal afgezet met een hekje. Dat Blacky tot op het bot verwend is, daar kan het mormel zelf natuurlijk niks aan doen. En hij lijkt ook niet echt onder de scheldpartijen van z’n bazinnetje te lijden. Hij blijft er net zo stoïcijns onder als haar echtgenoot, op wie ze haar pijlen ook geregeld richt. Haha, staan we opeens zomaar naast een soort van Tiny en Lau. Maar dan andersom.
Morgen verkassen we weer.

Vrijdag 15 mei: Gythio (GR) – Palaia Epidavros (GR)
We hebben prima geslapen en starten rustig op. Op naar Nafplio gaat het vandaag met een tussenstop bij de Lidl in Sparta want de voorraden zijn ernstig slinkende.
In Gythio is het altijd druk en met een camper is er – ook in het voorjaar – rond de haven meestal amper een parkeerplek te vinden.

Geeft niks, we hoeven alleen maar even aan te steken bij een kiosk en wie kort parkeert kan op z’n Grieks overal terecht.

Bij de Lidl in Sparta zien we voor het eerst dit jaar Roma actief. Een man verkoopt – heel strategisch – bij de winkelkarretjes rieten manden en probeert je een gratis muntje voor de winkelwagens aan te smeren. Niet aannemen, anders kom je nooit meer van ‘m af. Z’n volwassen dochter loopt met een blikje te rammelen in de hoop dat je er geld wat in stopt. Niet doen. En die opgestoken middelvinger neem je gewoon vriendelijk lachend in ontvangst.
Achter Tripoli nemen we de weg Tripolis-Nafpliou. Je komt op deze route weinig dorpen tegen en druk is het zeker niet. Maar wel mooi!

Langs de kant van de weg stoppen we even bij zo’n klein kapelletje.

De deur sluiten, staat er op het bordje dat aan de deur hangt.

Dus kan de deur ook open.

Het is nog even een flinke afdaling naar de Argolische golf. In de verte zien we Nafplio al liggen.

En op het laatste moment wijzigen onze plannen toch weer.

We laten het toeristische geweld in Tolo en Drepano toch maar voor wat het is en rijden door naar camping Bekas.
Daar is nog een mooie plek vrij. Hier houden we het prima weer een paar dagen uit.

Zaterdag 16 en zondag 17 mei: Palaia Epidavros (GR)
Het zijn twee rustige dagen op camping Bekas. Het weer laat wat te wensen over. Zon, wolken en wind wisselen elkaar af. De helft van ons, die twee jaar geleden tijdens een wandelingetje een stekje van een bougainville vond, komt nu terug met een stek van een agave. Hij plant ‘m weer in een doorgesneden waterflesje. Wie weet krijgen we hem thuis aan de loop. Ondertussen reist hij met ons mee in het zijvak van de deur en als we ergens staan mag hij lekker zonnebaden achter de ruitenwisser.
Taverna Aigialos, linksaf het strand op voorbij Apollon, serveert weer heerlijk eten.

Het koelt tegen zonsondergang snel af. We liggen er vroeg in.

Maandag 18 mei: Palaia Epidavros (GR) – Lampiri (GR)
Vandaag ronden we ons rondje Peloponnesos af. Camping Akrata wordt onze laatste stop. Of – als daar geen plek is – camping Tsolis. We hebben geen zin in het eindeloze gerammel langs de zuidkust van de Golf van Korinthe. Tot Akrata hobbel je immers het ene dorp uit en het andere in en alles lijkt er op elkaar. Dat wordt de tolweg dus.
Maar eerst de kaap bij Palaia Epidavros ronden richting Korinthe. En dat is het mooiste stuk van de etappe van vandaag.


Camping Akrata heeft nog plek, maar alleen achter op het terrein. En dat zijn de smalle plaatsen, benauwd en opgesloten tussen heggetjes. Daar willen we niet staan.
Ook hier heeft het reserverings-circus jammergenoeg toegeslagen. De eigenaresse klaagt dat iedereen aan zee wil staan en meteen vertrekt als dat niet mogelijk is. Logisch, lijkt ons. Als je de mooiste plaatsen telkens weggeeft aan mensen die van te voren reserveren blijft er geen gelukje meer over voor dwaalgasten die niet (willen) weten waar ze terecht zullen komen. En die beproeven hun geluk dan elders waar ‘aanwaaiers’ nog wel kans maken op een mooie plek.
Op naar Lampiri dus, naar Tsolis. Daar is in het voorjaar altijd wel plek vrij met prachtig uitzicht op de Golf van Korinthe.

De beachbar en de minimarket zijn er halverwege mei nog niet open maar bij de taverna kun je altijd heerlijk eten.

Vanaf het terras zien we de vlaggen vrolijk wapperen bij de ingang. Huh?! De vlag van voormalig Joegoslavië? Of hangt de Nederlandse vlag per ongeluk ondersteboven?

Dinsdag 19 mei: Lampiri (GR) – Riza (GR)
Toen de helft van ons vannacht een poosje buiten zat, hoorde ze dichtbij al een hond blaffen. Waarschijnlijk hoorde die bij een van de vaste staanplaatsen achter op het terrein, dacht ze. Maar in de ochtend blijkt het een valse (zwerf)hond te zijn die zich onder de houten trap naar het strand heeft verschanst.
Twee kleutertjes lopen al spelend onbevangen naar beneden en raken – begrijpelijk – compleet in paniek als het beest luid blaffend en met blikkerende tanden dwars door de treden naar hun voetjes hapt. Hun moeder snelt toe en een timmerman die op het terrein aan het werk is, moet er bij komen om haar weer veilig naar boven te helpen. Het is voor het eerst in al die jaren dat we zo’n valse hond meemaken. De rillingen lopen ons over de rug.
Tegen 11 uur rijden we de brug op. Ons rondje is rond.

Tot Preveza pakken we de tolweg en dat rijdt lekker door. Het seizoen voor camper-groepsreizen is ook weer begonnen, zien we. Een lange rij campers komt ons tegemoet.
En potjandorie, de bijrijdster wordt ook achter Preveza ook nog eens getrakteerd op haar liefste tijdverdrijf tijdens oponthoud vanwege wegwerkzaamheden. ‘Kiek! Een wapperaar!’ Je ziet ze steeds minder want in de vaart der volkeren nemen tijdelijke verkeerslichten het oude ‘wapperambacht’ steeds vaker over. Maar nu kan ze haar hart nog een keertje ophalen en eindeloos kijken naar haar held met het verschoten, rode vlaggetje en het klapstoeltje in de berm waarop hij zich na gedane arbeid met een sigaretje neervlijt om weer een beetje bij te komen van alle inspanning.

We strijken vroeg in de middag neer op camping Agrogiali in Riza. Prachtig uitkijkend op de wijdse Ionische zee. Er staat een straf aanlandig windje, dus het vestje moet er wel weer even bij aan.

Het restaurant op de camping is zo vroeg in het seizoen alleen in het weekend open dus vervoegen we ons bij de taverna van de buren op camping Corali. En daar is het misschien nog wel mooier.

De wind is gaan liggen en de avond valt in serene rust.

Woensdag 20 mei: Riza (GR) – Plataria (GR)
Het is maar een kort ritje vandaag naar ons ‘vaste plekje’ op Camping Elena. Maar eerst rijden we door naar Igoumenitsa voor een rondje Lidl en aanverwante zaken. En daar zijn we zo een uurtje mee bezig, want het is er altijd druk.
Opa Vasili wil als hij ons ziet meteen aan het bier en liever nog aan de ouzo maar dat mag vast niet van z’n vrouw. Dus installeren we ons eerst maar eens lekker met het bekje aan zee. Sowieso voor een week. En wie weet nog wel een dagje langer…

Donderdag 21 t/m dinsdag 26 mei: Plataria (GR)
Daar hebben we George. Of we het telefoonnummer hebben van Jan. You know, from Belgium with the fourwheel-drive. Jan zou vandaag ook komen en hij houdt een plek voor ‘m vrij aan zee. En blijkbaar denkt George dat we iedereen in de Benelux kennen, maar eerlijk gezegd hebben we nog nooit van de beste man gehoord. Een paar uurtjes later is Jan z’n plek kwijt aan een caravan. En als hij de volgende dag laat in de middag toch nog verschijnt, moet hij op een plek boven staan want de camping is vol. ‘I put him next to the excavator.’ grijnst George met een knipoog.
Afgelopen november is er ‘boven’ een boom omgewaaid die in zijn val de muur van een terras heeft meegenomen. Er wordt met groot materieel gewerkt om zo snel mogelijk een nieuwe, versterkte steunmuur te bouwen. Veel overlast hebben wij er hier beneden niet van. En Jan-met-de-fourwheeldrive verhuist na een dagje ‘boetedoening’ weer naar beneden.
Daar hebben we George weer. Met een (gevonden) pinpas van de ING-bank. Of we de familie Blom ook kennen? 😉
Af en toe trekt er een buitje over, soms zelfs met onweer. Maar veel stelt het allemaal niet voor.

We verbazen ons soms wel over hoe weinig omgevingsbewust sommige mensen zijn. Honden zijn verboden op het strand maar toch zijn er gasten die hun hond zomaar tussen de zwemmers in zee laten spelen. En dat is vies, want hij plast ook op het strand waar kinderen spelen. De helft van ons zegt er in haar beste Duits wat van en het bazinnetje vertrekt op hoge benen naar George. We hebben het beest daarna niet weer in zee gezien.
Het zijn heerlijk relaxte dagen met zon, zee en strand en ‘s avonds de geweldige kookkunsten van oma Katerina. Meer hoeft het deze week ook niet te zijn. De tijd kabbelt rustig voorbij. We raken met de dagen in de war. En dat is helemaal prima!
Woensdag 27 mei: Plataria (GR) – Ioannina (GR)
Na een week is het zo zoetjes aan tijd om weer verder te gaan. We krijgen een straffe espresso en zoals gewoonlijk zit George dan op de praatstoel terwijl z’n moeder alweer in de keuken in de potten staat te roeren. Het is een hartelijk afscheid.
Eerst maar eens naar Syvota dus kachelen we door Plataria en dan gaat het berg-op. Je hebt vanaf hier een prachtig uitzicht op de baai.

En de brandweer staat al weer op de uitkijk om beginnende branden te spotten. Zelfs in het voorjaar zijn ze hier in Griekenland al overal paraat.

We verlangen naar een pita gyros maar voor twaalven is het natuurlijk nog veel te vroeg. Dus eindigen we in Syvota aan de boulevard met uitzicht op de haven onder het genot van een frappé en een tosti.
De (speed)bootjesverhuur – No license needed! – doet goede zaken en dat is altijd vermakelijk want bij het uitvaren en vooral bij het aanmeren levert dat soms hilarische taferelen op.
Naast een pita gyros zijn we ook naarstig op zoek naar een Grieks voetbal-pakje voor de kleinzoon die op z’n vijfde helemaal idolaat is van Messi en Ronaldo. In Albanië vind je in toeristische gebieden Albanese voetbalpakjes op elke straathoek, maar hier zijn we nog geen Griekse outfitjes tegengekomen.
De Lidl in Igoumenitsa is de volgende stop maar eerst kopen we als vanouds weer een mooie tuinpot bij het tuincentrumpje er schuin tegenover.

En dan op naar de Odos Egnatia, de tolweg die ons vanuit Igoumenitsa naar Ioannia brengt. Het is een prachtig traject, dwars door de bergen en ook al zijn het wegwerkzaamheden die de klok slaan, oponthoud is er niet. Misschien dat het Griekse tolwezen korting geeft nu de tolweg bijna helemaal eenbaans is want we betalen voor categorie 2 terwijl ons busje anders altijd onder categorie 3 valt. Hoe dan ook: efcharistó polí!.

Ioannina Camping Glamping is wat lastig te vinden maar als je Bizani in Annie zet en nog een paar kilometer doorrijdt tot je in de verte de IKEA ziet, moet je opeens ergens rechtsaf. Het is een wat lastige bocht maar dan heb je ook wat. De camping is nog jong maar won – voor wat het waard is – de ACSI-award 2025. En dat is dik verdiend want het is hier om door een ringetje te halen.
We worden hartelijk ontvangen door een jonge vrouw die ons voorziet van snoepjes – it is with ouzo! – en heel graag wil weten wat voor weer het in Nederland is. Waarom? Ze vliegt morgen op Amsterdam voor het concert van Harry Styles in de Amsterdam Arena. Met alle liefde slingeren we Weerplaza even voor haar aan. ‘So no jacket needed!’ lacht ze breed.
We lozen (dat was hoognodig) en tappen en dan vervoegen we ons op onze plek. Diep donkere luchten dreigen met zwaar weer maar het blijft vooreerst bij wat klappen en wat buitjes.

We doen het luifeltje er toch maar even bij uit, zitten we tenminste droog als het toch gaat regenen. En ja hoor. Het frist er lekker van op.
‘s Avonds eten we in het restaurant. De kaart is beperkt, maar wát erop staat, is hartstikke lekker.

Donderdag 28 mei: Ioannina (GR) – Gjirokastër (AL)
Het was een benauwde nacht en vroeg in de ochtend hangt er zowaar een beetje mist over de camping. Maar zodra het zonnetje opkomt, verdwijnt die als sneeuw voor de zon.

Eerst maar een lekker vers broodje, betalen en dan op naar het winkelcentrum even verderop. Naast een Ikea is er ook een Intersport maar ook hier… géén voetbalshirtjes.
Onverrichter zake kachelen we Ioannina weer in.

Wilden we eerst naar Bourazani, de Zagoria in, toch besluiten we door te rijden naar de grensovergang bij Kakavia. Gjirokastër is dan niet meer ver.

Nu we het besluit om Griekenland al te verlaten zo plots hebben genomen, blijven we aan de Griekse kant van het rustige grenspostje eerst nog even rondhangen: een laatste frappé-tje bij de koffietent en dan nog een souvlaki bij de kleine kantina. Zonder opsmuk en liflafjes maar juist in alle eenvoud misschien wel een van de lekkerste souvlaki’s die we deze reis hebben gegeten. Na het afrekenen stopt de vriendelijke uitbater ons nog twee flesjes ijskoud Zagori-water in de hand.

Er is geen grensgedoe en binnen 10 minuten rijden we – natuurlijk toch weer een beetje weemoedig – Albanië binnen.

Camping Family heeft nog plek zat. De wasmachine gaat vol, de luifel uit en dan is het zweten geblazen want het is drukkend en benauwd met een stekende zon. In de verte, boven de bergen, vormen zich de bloemkool-wolken en rommelt het geregeld. Misschien toch ook maar goed dat we niet de bergen in zijn gegaan. Dikke kans dat we daar flink wat regen over ons heen hadden gekregen… Hier blijft het bij wat flauwe druppen.
In en rond Gjirokastër schieten de campings en camperplaatsen als paddestoelen uit de grond. Het zijn er inmiddels al 7. We zijn benieuwd wie het in deze toeristische concurrentie-slag gaat overleven. De Albanezen zijn meesters in het prachtig aanleggen van nieuwe terreinen, maar het planmatig onderhoud op langere termijn schiet er vervolgens vaak bij in. Ook hier op het terrein staat het onkruid inmiddels manshoog in de borders en hangen de coniferen half over sommige plekken. Maar het blijft een fijne plek.
Het restaurant op camping Family heeft nog steeds geen menukaart maar dat hoeft ook niet. De vrouw des huizes komt – net als twee jaar geleden – een handgeschreven A4-tje brengen met daarop de gerechten van de dag en poeh, wát is het lekker!

IJsje toe, lekker douchen en een strik er om. Een mooie dag.
Vrijdag 29 mei: Gjirokastër (AL)
Gelukkig koelde het vannacht wat af maar als we tegen 07:00 allebei alweer buiten zitten, loopt de temperatuur snel op. Stond er gisteren nog een klein briesje, nu is het windstil. Dus dat wordt weer zweten vandaag.
De wasmachine gaat nog een keer vol en het arme vehikel doet er bijna drie uur over om het programma af te ronden. Als hij eenmaal aan het centrifugeren toe is, lijkt het alsof er een F35 uit het gebouwtje gaat opstijgen. Maar eerlijk is eerlijk, de was komt er nagenoeg droog weer uit.
Om twaalf uur brengt de heer des huizes ons met de auto naar het oude centrum van Gjirokastër en dat kost heen & terug in totaal een tientje. Hij zet ons, net als twee jaar geleden, af bij het Griekse consulaat en als je belt dat je weer opgehaald wilt worden, rijdt ‘ie binnen 10 minuten weer voor. Prima geregeld!

Tussen alle spiegeltjes, kraaltjes, schaaltjes, olijfhouten snijplanken, flesopeners, sjaaltjes, geborduurde kussenhoezen en plastic kruisbogen door hebben we maar één doel: een voetbalpakje. En daar slagen we in bij een heel vriendelijke meneer die natuurlijk blij is met de klandizie en behulpzaam wel tien verpakkingen opentrekt op zoek naar de juiste maat. Hebbes! Een 100 % échte replica van de Albanese evenknie van de KNVB. Kom daar in 058 maar eens om!
Enver Hoxha is in z’n geboortestad nog steeds niet vergeten. Je vraagt je toch wel af wie zo iets koopt…

Na een uurtje hebben we het wel weer bekeken en strijken we op een terras neer voor de lunch. Als we de camping bellen rijdt twee minuten later de vrouw des huizes al weer voor.
De was is inmiddels helemaal droog en we vlijen ons loom onder de luifel neer. Poeh, wat is het warm!




































































































































































































































































































































































































































































































































